Ambtenaar 2.0

samen werken aan overheid 2.0

De zaak-@lsinke: over ambtenaren en hun meningsuiting

Dit is mijn commentaar op de zaak-@lsinke. Meer informatie over de achtergronden van deze zaak vind je hier!

 

De blogs en reacties lezend over de uitspraak van Sinke is grofweg te constateren dat meer "linkse" commentaren schande spreken van het gebrek aan mededogen met de asielzoekers, terwijl de meer "rechtse" commentaren Sinke bijvallen en de asielzoekers afvallen. Sinke neemt aldus deel aan een politieke discussie.

Is zijn positie als ambtenaar relevant voor deze discussie? In principe niet. Hij heeft het recht zijn mening te geven over deze kwestie. Het onderwerp staat erg ver van zijn baan af (Sinke is ICT'er) en zelfs van het ministerie: Dit is een zaak van de gemeente Den Haag naar aanleiding van het beleid van het ministerie van V&J.

Toch is zijn ambtelijke status de reden dat de uitspraak van Sinke verspreid is, zo geven Van den Akker en Rense aan (zie de reconstructie). Beide vinden kennelijk dat een ambtenaar deze mening niet mag uiten. GeenStijl en Bert Brussen verdedigen juist het recht op meningsuiting (omdat ze het met de inhoud eens zijn?).

 

Slachtoffer

We kunnen concluderen dat Sinke vanwege zijn ambtelijke status het slachtoffer of in ieder geval het onderwerp is geworden van een politieke strijd. Door ambtenaar Sinke te betrekken in de eigen argumentatie wordt geprobeerd om de gehele overheid te betrekken en zo meer politieke punten te scoren. (Lees ook dit nog eens terug.)

In mijn eerdere blog concludeerde ik al dat je als ambtenaar altijd het risico loopt dat iemand misbruik maakt van je uitspraken, wat die ook zijn. Ik zie zelfs mensen die woorden van ambtenaren verdraaien en net doen of het een retweet is. Als eenling en als ambtenaar kun je je daar moeilijk tegen verdedigen.

De enige verdediging is om te voorkomen dat de opzet van de "aanvaller" slaagt, namelijk om de uitspraak van een eenling te verbinden aan de overheid, de gemeente of de minister. In geval van de zaak-@lsinke is dat gelukt (de politieke angel is verwijderd). Bij de zaak-Rosenthal (om het zo maar te noemen) is dat compleet misgegaan.

 

Ministeriële verantwoordelijkheid

De reden dat zo gemakkelijk die brug kan worden geslagen van een individuele ambtenaar naar bijvoorbeeld een minister is de wet ministeriële verantwoordelijkheid uit 1855. Daarin staat beschreven dat de Tweede Kamer de minister kan aanspreken op het handelen van de vorst en van zijn ambtenaren.

In Wikipedia (15-12-2012) staat het als volgt beschreven:

De ministeriële verantwoordelijkheid betekent ook, dat een minister verantwoording verschuldigd is aan de Staten-Generaal voor alles waar hij voor bevoegd is. Daarbij gaat het ook om de bevoegdheden van zijn ondergeschikte ambtenaren en zowel om 'handelen' als het 'nalaten van handelen'.

En het Parlementair Documentatiecentrum beschrijft de ministeriële verantwoordelijkheid zo:

De ministers zijn niet alleen verantwoordelijk voor het gedrag van de Koning. Ze zijn ook verantwoordelijk voor het gedrag van hun ministeries en hun ambtenaren. Als de Eerste en Tweede Kamer bijvoorbeeld vinden dat de overheid of een ministerie iets fout heeft gedaan, dan is de minister daarvoor verantwoordelijk.

Dit zorgt er enerzijds voor dat individuele ambtenaren niet persoonlijk aansprakelijk kunnen worden gesteld voor wat zij uit hoofde van hun functie doen en anderzijds zorgt het ervoor dat burgers (en Kamerleden) verhaal kunnen halen bij het ministerie als ze zich gedupeerd voelen door het handelen of de uitspraken van een ambtenaar.

 

Ambtenaar versus burger

De ministeriële verantwoordelijkheid is een fundamenteel beginsel van onze democratie, maar de vraag is waar die verantwoordelijkheid van de minister voor het handelen en de uitspraken van een ambtenaar eindigt. Als de directeur nota's ondertekent, dan gebeurt dat namens de minister. Als hij koffie bestelt in een café (meestal) niet.

In de ene situatie is de ambtenaar duidelijk in functie, in de andere situatie duidelijk niet. Uitspraken in een toespraak zijn formeel, maar hoe zit het met de borrel achteraf? Mag een ambtenaar antwoord geven op de vraag wat hij er nu eigenlijk zelf van vindt, desnoods met de toevoeging dat dat weinig ter zake doet?

De ministeriële verantwoordelijkheid is bedoeld voor formele handelingen namens de minister, niet voor informele uitspraken of voor ambtenaren als burger. Uiteindelijk gaat deze discussie over het onderscheid tussen het hebben (en mogen uiten) van een mening en de manier waarop je als ambtenaar je functie vervult en je taak uitvoert.

 

Informeel of formeel?

Terug naar de uitspraak van Sinke. Is er aanleiding om te denken dat hij deze uitspraak formeel heeft gedaan namens de minister? In het geheel niet. Alleen het feit dat er "BZK" in zijn profiel staat is geen reden om dat aan te nemen (zie ook deze discussie). Dat is volgens mij ook niet de reden dat het bericht werd geretweet. 

Sinke wordt niet aangesproken op zijn formele en professionele, maar op zijn informele, dus persoonlijke mening. De verontwaardiging van het "linkse" kamp komt voort uit de constatering dat er blijkbaar mensen op het ministerie werken met een dergelijke (volgens hen verfoeilijke) mening en daarvoor uit durven te komen.

Aangezien het hier overduidelijk gaat om informele uitspraken en dus de vrije meningsuiting van Sinke, is dit geen zaak voor Plasterk om op te reageren, noch voor het ministerie om hem erop aan te spreken. Dit is een persoonlijke kwestie en Sinke neemt daarbij als individuele burger deel aan een politiek debat.

 

Consequenties

Als er gedoe ontstaat over de uitspraak van een ambtenaar wordt de verantwoordelijkheid daarvoor vaak bij de ambtenaar gelegd. "Hij had beter moeten weten." Volgens mij is dat een heilloze weg en wel om meerdere redenen:

  1. Als ambtenaar loop je altijd het risico dat iemand zal proberen om iets wat je zegt te gebruiken voor eigen nut, simpelweg door de link met een ministerie, gemeente, etc. Daar doe je niks tegen;
  2. Als het gaat om informele uitspraken of handelingen als burger, dan heeft dit geen effect op de relatie tussen overheidsorganisatie en samenleving en dat is waar ministeriële verantwoordelijkheid voor bedoeld is (betrouwbare overheid, controle op overheidshandelen);
  3. Als ambtenaren bij alles wat ze zeggen (ook informeel en persoonlijk) rekening moeten houden met hoe anderen hun uitspraken bewust of onbewust zouden kunnen interpreteren, dan vormt die zelfcensuur een enorme aanslag op hun vrijheid van meningsuiting;
  4. Daarmee creëren we tevens een ambtenarenapparaat dat zich nog verder opsluit in zichzelf, terwijl deze tijd juist vraagt om een kritische en extern gerichte overheid die deel uitmaakt van de netwerksamenleving.

Als mensen politieke of mediatieke punten willen scoren en daarvoor uitspraken, handelingen of simpelweg aanwezigheid van ambtenaren willen gebruiken, dan doen ze dat toch wel. Daar is geen oplossing voor. We moeten oppassen om niet het kind met het badwater weg te gooien.

 

Mijn conclusie

We moeten af van het idee dat een minister of andere politiek verantwoordelijke aanspreekbaar is op alles wat een ambtenaar doet of zegt. Ministeriële verantwoordelijkheid heeft betrekking op formele geschriften en uitspraken, niet op de informele uitspraken of meningen van ambtenaren. 

Volgens mij zitten we in een ouderwets paradigma waarin de diversiteit van de overheid en de mening van de ambtenaar wordt ontkend. Ambtenaren moeten beoordeeld worden op hun werk en hun formele handelen, niet op hun privé-mening. Al het andere is politiek en sensatiezucht.

We willen ambtenaren afrekenen op hoe ze hun werk doen en niet op hun mening. Daarom moet het mogelijk zijn voor ambtenaren om net als elke andere burger hun mening te geven, zelfs als dit een andere mening is dan die van de politiek verantwoordelijke, mits het onderscheid tussen politieke lijn en persoonlijke mening duidelijk is.

Weergaven: 677

Opmerking

Je moet lid zijn van Ambtenaar 2.0 om reacties te kunnen toevoegen!

Word lid van Ambtenaar 2.0

Reactie van Fatou van den Hoff op 22 December 2012 op 12.48

Waarom zouden ambtenaren geen mening of ideeën (mogen) hebben. Zij zijn toch net zoals kamerleden een afspiegeling van de bevolking? (misschien een beetje ouder ;-)) Hoewel uit verschillende onderzoeken blijkt dat de meeste ambtenaren in het politieke midden zitten bij gevestigde partijen neemt het niet weg dat er veel andere kleuren zijn. 

Zelf weet ik liever wie ik voor me heb en hoe hij denkt dan dat ik op een muur van onbegrip stuit en niet kan achterhalen waarom dat zo is. Een afwijkende mening is niet erg zolang je zoals Davied aangeeft je werk goed doet. Kun je dat niet dan moet jijzelf conclusies trekken en de consequenties dragen van de oplossing. 

Davied, het eindresultaat van mijn rechtshistorisch laat nog even op zicht wachten. Hopelijk lukt het om af en toe leuke bevindingen te plaatsen. 

Reactie van Davied op 19 December 2012 op 8.20

@Jan Nu zal dat aspect voor een ict-manager wel meevallen, maar volgens bevestig je mijn pleidooi, namelijk om te kijken naar iemands formele handelen. Ambtenaren hadden altijd meningen en in het verleden is ook de integriteit van ambtenaren in twijfel getrokken vanwege (vermeende) invloed van een persoonlijke mening op formeel handelen, maar ik hoop toch dat we ervan uitgaan dat mensen hun werk goed doen. Een kritische blik is goed, wantrouwen niet.

Reactie van Jan van der Sluis op 18 December 2012 op 16.36

Wat mij opvalt, is de insteek vanuit de overheid en vanuit de positie van de ambtenaar. Ik wil er graag iets aan toevoegen:

wat mij opvalt in de reacties - niet hier - is niet zozeer dat men zich druk maakt over 'een ambtenaar die iets vindt', maar over het duidelijker worden van de werkelijke oordelen, normen en waarden van een ambtenaar. Klinkt wat vaag. Maar het komt er op neer dat de hele situatie ook kan worden gezien als een waarin duidelijk wordt 'hoe ambtenaren denken over anderen'.

Dat is een belangrijke, denk ik, omdat ambtenaren een discretionaire bevoegdheid kunnen hebben, maar ook omdat zij beleid maken. Dat komt niet uit de lucht vallen en wordt evenmin volledig gedekt door politieke overtuigingen van de bewindspersoon. Daarin spelen maatschappijvisies wel degelijk een rol. Niks formele rollen en verhoudingen. Het gaat juist om de speelruimte daarnaast, hoe klein ook. Of hoe groot.

En nu staat die visie daar ineens zwart op wit; in een woordkeuze.

 

Dat stukje mis(te) ik.

Reactie van Davied op 18 December 2012 op 9.09

@Fatou Benieuwd naar de uitkomsten van je onderzoek!

Reactie van Fatou van den Hoff op 17 December 2012 op 20.46

De vrijheid van meningsuiting voor privémeningen van ambtenaren is in de grondwet en de (militaire) ambtenarenwet goed geregeld. Mij lijkt dat de ministeriële verantwoordelijkheid hier buiten beschouwing blijft, tenzij hij een officieel twitteraccount van het ministerie gebruikt. 

Helaas zijn er veel geluiden te horen waarin gepleit wordt voor het afschaffen van de vrijheden van meningsuiting en vereniging voor amtbenaren. Dit is mijns inziens in een wereld 3.0 onmogelijk. Ik heb dit benoemd in het derde deel van mijn drieluik over beroepsverboden. 

Het is niet voor niets dat ik nu bezig ben met rechtshistorisch onderzoek naar deze vrijheden van ambtenaren. Elke tip is welkom. 

Reactie van Davied op 17 December 2012 op 14.32

© 2017   Gemaakt door Dirk Jan van der Wal.   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Algemene voorwaarden